Jong talent op kantoor

Van havermelkcappuccino tot kantoorconcept: hoe de leefwereld van jonge stedelingen onze werkplekken verandert

Loop een willekeurige koffiebar binnen in de Randstad en de kans is groot dat je hetzelfde tafereel aantreft. Laptops staan open naast een heerlijke kop havercappuccino. Dames in sportkleding werken geconcentreerd aan een presentatie. Aan het tafeltje daarnaast wordt een pitchdeck besproken en wordt er geluncht met matcha, zuurdesembrood en gefermenteerde groenten. Een paar jaar geleden begonnen deze verschijnselen. Vandaag zijn ze onderdeel geworden van het dagelijks leven van veel jonge professionals. En misschien nog interessanter: dezelfde ontwikkelingen zien we steeds vaker terug op kantoor. Luxe koffiebars in de entreehal, biologische lunchconcepten, yoga tijdens de pauze, runclubs na werktijd en kantoorinterieurs die niet zouden misstaan in een boutique hotel. Op het eerste gezicht lijken het losse trends maar uiteindelijk zijn deze trends, onderdeel van een grotere maatschappelijke verschuiving. Een verschuiving waarin werk, identiteit, welzijn en lifestyle steeds meer met elkaar verweven raken. Niet zonder reden. Deze generatie groeit op in een tijd met grote maatschappelijke vraagstukken zoals, woningtekorten, klimaatveranderingen, stijgende pensioenleeftijden, hoge studieschulden en economische onzekerheid. Dat heeft invloed op hoe zij naar werk kijken, maar ook op wat zij verwachten van hun werkgever en werkomgeving.

Het kantoor als verlengstuk

Trendwatcher Jonas Kooyman beschrijft in zijn analyses van de ‘havermelkelite’ een generatie jonge stedelingen die zichzelf uitdrukt via consumptie, bewuste keuzes en leefstijl. Het gaat hierbij om hoogopgeleide twintigers en dertigers die hun dagen vullen met specialty coffee, duurzame mode, boutique fitness, e-bikes, natuurwijn en een sterke focus op gezondheid en persoonlijke ontwikkeling.

Hoewel de term vaak met een knipoog wordt gebruikt, legt Kooyman een interessante ontwikkeling bloot. De keuzes die mensen maken in hun vrije tijd worden steeds vaker onderdeel van hun verwachtingen op het werk. Waar werk en privé vroeger duidelijk gescheiden werelden waren, lopen deze tegenwoordig steeds meer in elkaar over. Iemand die ’s ochtends een flat white haalt bij zijn favoriete koffiebar neemt op kantoor niet automatisch genoegen met een automaatkoffie in een systeemplafondomgeving. Het kantoor concurreert daarom tegenwoordig met meer dan alleen de thuiswerkplek. Het concurreert namelijk ook met koffiebars, co-working spaces, bibliotheken, en andere plekken waar mensen zich prettig voelen, inspiratie opdoen en anderen ontmoeten. Het is voor werkgevers een behoorlijke uitdaging om aan die verwachting te moeten voldoen.

Persoonlijke ontwikkeling

Dankzij hybride werken is het kantoor niet langer de vanzelfsprekende plek waar al het werk plaatsvindt. Focuswerk, administratie en online meetings kunnen veel medewerkers prima thuis uitvoeren. Maar waarvoor komen we dan naar kantoor? Ook het Capgemini-rapport over het nieuwe werkparadigma stelt dat organisaties opnieuw moeten nadenken over de unieke waarde van het kantoor. Werk is niet langer gebonden aan één plek. Het kantoor moet iets toevoegen aan wat thuis of digitaal minder makkelijk ontstaat.

Uit onderzoek blijkt dat medewerkers vooral naar kantoor komen voor samenwerken, kennisdeling, sociale interactie en creativiteit. Voor starters en jonge medewerkers speelt daarnaast nog iets anders mee. Vaak op kantoor ontstaan de informele leermomenten die belangrijk zijn voor hun ontwikkeling en waar ze veel waarde aan hechten. Even meekijken met een ervaren collega of even spontaan advies vragen bij de koffieautomaat. Voor hen is het kantoor niet alleen een plek om hun werk uit te voeren maar ook een omgeving waar je veel kan leren en groeien. Dat is een mooie ontwikkeling waar je als werkgever op kan inspelen en wat een grote toegevoegde waarde is aan je organisatie. Dat vraagt wel iets van de werkomgeving. Denk bijvoorbeeld aan meer variatie aan type ruimtes die al die verschillende activiteiten effectief ondersteund, stimuleert en aanmoedigt.

Gezondheid als nieuwe arbeidsvoorwaarde

Waar kantoorontwerp vroeger vooral draaide om efficiëntie en vierkante meters, speelt welzijn een steeds grotere rol. Dat zien we terug in de aandacht voor daglicht, akoestiek, ergonomie, rust, beweging en gezonde voeding. Vooral jonge generaties kijken anders naar succes dan eerdere generaties. Een goed salaris blijft belangrijk, maar mentale gezondheid, werk-privébalans en energie wegen steeds zwaarder mee. Gezondheid wordt niet alleen op jezelf betrokken, maar wordt gezien als onderdeel van goed werkgeverschap. Inzetten op welzijn vraagt ook iets van de werkomgeving. Medewerkers verwachten niet alleen een mooie werkplek, maar ook voldoende rust, keuzevrijheid en plekken waar zij kunnen herstellen van de constante stroom aan prikkels. Gezondheid is daarom een belangrijke secondaire arbeidsvoorwaarde geworden.

Het tijdperk van flexibiliteit

De havermelkelite is opgegroeid in een wereld waarin vrijwel alles gepersonaliseerd is. Spotify stelt playlists samen op basis van persoonlijke voorkeuren. Netflix bepaalt welke series worden aanbevolen. Die behoefte aan keuzevrijheid zien we ook terug op de werkvloer. Deze jongere generatie hecht waarde aan flexibiliteit in waar, wanneer en hoe zij werken. Hybride werken is voor veel organisaties niet langer een experiment, maar de nieuwe realiteit. Dat betekent niet dat iedereen permanent thuis wil werken. Integendeel. De meeste jonge professionals zoeken juist een balans tussen autonomie en verbinding. Ze willen zelf kunnen bepalen waar ze het meest productief zijn, maar tegelijkertijd onderdeel blijven van een team en organisatiecultuur. Een complexe tegenstrijdigheid die belangrijk maakt om goed na te denken over hoe je dit voor werknemers kan ondersteunen en welk gedrag je kan katalyseren met de werkomgeving.

Een veranderend doel

Waar eerdere generaties succes vaak koppelden aan zichtbare status, lijkt er een verschuiving plaats te vinden richting betekenis en impact. Veel jonge professionals willen werken voor organisaties die ergens voor staan. Duurzaamheid, inclusiviteit en maatschappelijke verantwoordelijkheid spelen een steeds grotere rol in de keuze voor een werkgever. Bij een zoektocht naar een baan, is een rol waar ze impact kunnen maken van groot belang. Ook het hebben van een platte organisatiecultuur is voor veel belangrijker, je bent immers allemaal gelijk. We zien het allemaal terug in kantoorconcepten waarin circulaire materialen worden toegepast, lokale leveranciers worden betrokken en duurzame keuzes zichtbaar worden gemaakt. Medewerkers verwachten dat organisaties hun waarden daadwerkelijk naleven en dat iedereen in de organisatie hieraan kan bijdragen.

Zijn dit nog trends?

De interessante vraag is misschien niet welke trends eraan komen, maar welke trends inmiddels standaard zijn geworden. Hybride werken was enkele jaren geleden nog vernieuwend. Vandaag is het voor veel organisaties normaal. Gezonde catering was ooit een onderscheidende voorziening. Inmiddels verwachten veel medewerkers minimaal een gezond alternatief. Duurzaamheid was vroeger een ambitie. Tegenwoordig is het vaak een randvoorwaarde. Hetzelfde geldt voor flexibiliteit, welzijn en persoonlijke ontwikkeling. Wat ooit begon als een verzameling microtrends onder jonge medewerkers groeit langzaam uit tot een nieuwe standaard voor werk.

De werkplek van de toekomst

De werkplek van de toekomst wordt niet alleen gevormd door technologie of nieuwe werkvormen. Ze wordt vooral gevormd door veranderende menselijke behoeften. Een generatie die waarde hecht aan welzijn, flexibiliteit, authenticiteit en impact neemt die verwachtingen mee naar kantoor. Daardoor wordt het kantoor echt een plek waar je wilt zijn. En misschien is dat wel de grootste verschuiving van allemaal. Dat vraagt iets van organisaties. Niet alleen van HR-beleid, maar ook van de fysieke werkomgeving. Het is niet eenvoudig om alle belangen van medewerkers en organisatie met elkaar te verenigen. Tegelijkertijd liggen daar juist kansen. Want organisaties die begrijpen wat medewerkers drijft, laten niet alleen hun mensen floreren, maar bouwen ook aan een sterkere organisatie.

Dit artikel is geschreven door Gayle de Mey, Workplace Consultant bij WorkWire.